Als paardeneigenaar draag je de verantwoordelijkheid voor de gezondheid en het welzijn van je paard. Het voorkomen van ziektes is daarbij een belangrijk aspect. Hierin speelt vaccinatie een essentiële rol. Door je paard te laten vaccineren, krijgt het een kleine hoeveelheid van een dode of geïnactiveerde ziekteverwekker toegediend. Het lichaam reageert hierop door antistoffen aan te maken. Deze antistoffen helpen om de ziekteverwekker bij een mogelijke infectie te bestrijden, waardoor de kans op (ernstige) ziekte aanzienlijk vermindert.

Influenza

Influenza vormt voor paarden een veel groter gezondheidsrisico dan een normale griep. Dit komt doordat influenza vaak leidt tot restschade in de luchtwegen, wat langdurige conditieklachten of zelfs ernstige chronische luchtwegproblemen kan veroorzaken. Bovendien kan influenza zich via de lucht over grote afstanden verspreiden, waardoor grote uitbraken gemakkelijker ontstaan.

Het onderdrukken van influenza is niet alleen belangrijk voor het individuele paard, maar ook voor andere paarden in de omgeving en de gehele paardensector. Daarom is influenzavaccinatie bij paarden verplicht gesteld door de wedstrijdorganisaties KNHS en FEI (internationaal). Daarnaast geven veel stalhouders de voorkeur aan paarden die zijn gevaccineerd tegen influenza op hun terrein.

Voor influenza bestaan er combinatievaccins (samen met tetanus) en afzonderlijke vaccins. Tetanusvaccinatie is niet verplicht, aangezien tetanus niet van paard op paard overdraagbaar is. Het beschermt alleen het individuele paard, en eigenaren mogen zelf beslissen of ze bescherming willen regelen. Ons advies is echter om eens in de 2 jaar tegen tetanus te vaccineren. Dit komt doordat paarden tetanus al kunnen oplopen via een klein wondje, wat fataal kan zijn als ze niet zijn ingeënt.

Basisvaccinatie

  • Voor paarden en pony’s geboren vóór 1 januari 2022:
    • Een tweevoudige basisvaccinatie is voldoende, op voorwaarde dat deze destijds met een correctie tussentijd (21-92 dagen) is toegediend en daarna binnen 12 maanden is herhaald.
  • Voor paarden en pony’s geboren in 2022 of later, en voor paarden en pony’s waarvan de vaccinatie is verlopen (zelfs als ze vóór 2022 zijn geboren):
    • Een drievoudige basisvaccinatie is nodig:
      • 1e basisvaccinatie: vanaf 5 maanden leeftijd
      • 2e basisvaccinatie: 1 maand na de 1e basisvaccinatie (minimaal 21 dagen, maximaal 60 dagen)
      • 3e basisvaccinatie: 5 maanden na de 2e basisvaccinatie (tussen 120 dagen en 6 maanden + 21 dagen na de 2e basisvaccinatie)

Houd er rekening mee dat deze regels gelden voor de KNHS; voor de FEI gelden andere voorschriften. 

Herhalingsvaccinatie

  • Jaarlijks (binnen 12 maanden en het mag op dezelfde dag als het jaar er voor).

Wedstrijden en evenementen na vaccinatie

  • De eerste 7 dagen na de laatste vaccinatie mag een paard of pony niet arriveren op een evenement.
  • Een paard of pony mag pas 7 dagen na de tweede basisvaccinatie op een evenement arriveren.

Rhino(pneumonie)/Equine Herpes Virus (EHV)-1& 4

Ondanks dat we het niet altijd zien, blijft Rhino(pneumonie) een aanwezig probleem. Ongeveer 80 tot 90% van de paarden komt vóór de leeftijd van 2 jaar in contact met het Equine Herpesvirus (EHV).

Eenmaal geïnfecteerd, blijft het virus levenslang latent aanwezig in het paard. Op elk moment kan het virus echter weer actief worden, bijvoorbeeld door stress of vermoeidheid (zoals transport of zware training). Deze eigenschap, kenmerkend voor herpesvirussen, maakt het lastig om EHV effectief te bestrijden en verklaart waarom er plotselinge uitbraken kunnen optreden.

Symptomen

De klinische symptomen van een Rhino(pneumonie)-infectie variëren sterk. Vooral jonge paarden kunnen duidelijke griepachtige verschijnselen vertonen, terwijl oudere paarden vaak onopgemerkt besmet raken.

Een verhoging van de lichaamstemperatuur (tot wel 41°C) is een eerste waarschuwingssignaal bij virale infecties. Naast luchtweginfecties door EHV-type 1 en type 4 kan EHV (meestal type 1) ook abortus veroorzaken in het laatste derde deel van de dracht. Verlamming door EHV-1 komt zelden voor (hiervoor biedt vaccinatie geen bescherming).

Basisvaccinatie

  • 1e basisvaccinatie: vanaf 5 maanden leeftijd
  • 2e basisvaccinatie: 1 maand (4 – 6 weken) na de 1e basisvaccinatie

Vaccineren heeft het grootste effect als een hele stal is gevaccineerd, omdat er voornamelijk gevaccineerd wordt om verspreiding van EHV te voorkomen. Een individueel dier op een stal vaccineren is minder zinvol ,maar zeker niet zinloos. Het gevaccineerde dier zal na infectie minder virus verspreiden (en dat is gunstig voor stalgenoten) en heeft minder kans op ernstige ziekteverschijnselen.

Herhalingsvaccinatie Halfjaarlijks (< 6 maanden)

Bij drachtige merries wordt aanbevolen te vaccineren in de 5e, 7e en 9e maand van de dracht.

West-Nijl virus

Het West-Nijl Virus (WNV) wordt overgedragen van besmette (trek)vogels op zoogdieren door de beet van verschillende soorten muggen. Vooral paarden en mensen zijn gevoelig voor infectie door het West-Nijl virus, dat via de bloedbaan naar de hersenen en het ruggenmerg wordt getransporteerd.

De ontstekingen van de hersenen en/of hersenvliezen kunnen ernstige en mogelijk dodelijke zenuwverschijnselen veroorzaken. Hoewel dit virus alleen kan worden overgedragen door steekmuggen (geen overdracht van paard op paard of van paard op mens), loopt elk onbeschermd paard gevaar, in het bijzonder tijdens het muggenseizoen.

De laatste 15 jaar werden uitbraken bij mensen en paarden gemeld in landen zoals Italië, Roemenië, Hongarije, Portugal, Spanje, Frankrijk en Griekenland. Vorig jaar werd er in Laar (Duitsland) een paard met West -Nijl gediagnosticeerd. Voor de West-Nijlziekte bestaat geen specifieke behandeling. Er kan alleen symptomatisch, ondersteunend behandeld worden. Individuele paarden kunnen wel beschermd worden door middel van vaccinatie.

Basisvaccinatie

  • 1e basisvaccinatie: vanaf 6 maanden leeftijd
  • 2e basisvaccinatie: 1 maand (3 – 5 weken) na de 1e basisvaccinatie

Herhalingsvaccinatie Jaarlijks (< 12 maanden)

Er wordt in de loop van het jaar een daling in afweer gezien, dus het advies is om in het voorjaar (maart-april) vóór aanvang muggen seizoen te vaccineren.

Droes

Droes wordt veroorzaakt door de bacterie Streptococcus equi equi. Deze dringt via de neusslijmvliezen en keelholte het lichaam binnen en verplaatst zich naar de lymfeknopen, waar vervolgens abcessen kunnen ontstaan.

Wanneer de abcessen groter worden, kan het paard ademhalings- en slikproblemen krijgen. Dit gebeurt echter alleen in ernstige gevallen. Paarden die nog geen antistoffen hebben tegen droes, krijgen doorgaans de meest uitgesproken symptomen. Soms komt zelfs verspreiding naar lymfeknopen op andere plekken in het lichaam voor.

Klachten

Klachten die vaak voorkomen bij een droesinfectie zijn koorts en/of hoesten. De bacterie is erg besmettelijk en kan ook langere tijd in de omgeving overleven. Daarom kan de bacterie gemakkelijk via direct contact tussen paarden, maar ook via indirect contact zoals tuig, emmers, gedeelde waterbakken, handen en kleding van verzorgers overgedragen worden op andere paarden.

Paarden die droes hebben zonder typerende verschijnselen, kunnen de bacterie ongemerkt verspreiden en vormen dus een groot risico voor bedrijven. Een nog groter risico kunnen de ‘dragerdieren’ zijn: deze hebben in het verleden droes doorgemaakt, maar de bacterie is niet volledig uit hun lichaam verdwenen. Dit kan een rol spelen op een stal waar herhaaldelijk droes optreed zonder verdere duidelijk insleep. Indien dit het geval is zou de drager opgespoord moeten worden om deze goed te behandelen.

Basisvaccinatie

  • 1e basisvaccinatie: vanaf 4 maanden leeftijd
  • 2e basisvaccinatie: 1 maand na de 1e basisvaccinatie

Herhalingsvaccinatie Iedere 3 – 6 maanden

Afspraak maken voor vaccinatie

Influenza en Rhino

Het vaccin tegen Influenza en Rhino is over het algemeen altijd voorradig.

Een afspraak voor deze vaccinaties is vaak mogelijk op kort termijn. Als er één of enkele dagen van tevoren naar de praktijk wordt gebeld (bij voorkeur tijdens het telefonisch spreekuur tussen 8.00 en 9.00 uur), is dat voldoende.

West Nijl en Droes

Het vaccin tegen West Nijl en Droes is niet altijd op voorraad. De entstof moet minimaal een week van tevoren besteld worden. Ons advies is om voor deze vaccinatie tijdig een afspraak te maken.

Deel deze pagina op Social Media

‘Dé praktijk van Zuid-Oost Drenthe!’

Coevorden
Looweg 84
7741 EE Coevorden
Tel. 0524 – 513 694
ma. t/m vr. van
08.00 tot 19.00 uur
Sleen
Zetelveenweg 6
7841 BP Sleen
Tel. 0591 – 361 368
ma. t/m vr. van
08.00 tot 19.00 uur
Sandur/Nieuw-Amsterdam
Dikke Wijk WZ 34
7833 HS Nieuw Amsterdam
Tel. 0591 – 551 820
ma. t/m vr. van
10.00 tot 18.30 uur